Installatie- en Bedrijfsinstructie - Busch Vacuum .Installatie- en Bedrijfsinstructie Blaaspompen

  • View
    212

  • Download
    0

Embed Size (px)

Text of Installatie- en Bedrijfsinstructie - Busch Vacuum .Installatie- en Bedrijfsinstructie Blaaspompen

  • Installatie- enBedrijfsinstructie

    Blaaspompen

    Samos SB 0050 - 1400 D0/D2ATEX-Versie

    Busch Produktions GmbHSchauinslandstr. 179689 Maulburg

    Duitsland

    0870145239 / 091221 / Vertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing / Wijzigingen voorbehouden

  • IndexVoorwoord . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 2Technische gegevens . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 2Productomschrijving . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 3

    Gebruik. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 3Werkingsprincipe . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4Koeling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4Aan/uit Schakelaar . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4

    Veiligheid. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4Toepassing . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4Veiligheidsinstructies . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4Geluidsemissie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4

    Transport . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4Transport in Verpakking . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4Transport zonder Verpakking . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4

    Opslag . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5Opslag voor Korte Tijd . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5Conservering . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5

    Installatie en Inbedrijfname. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5Installatievoorwaarden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5

    Montagepositie en -ruimte. . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5Zuigaansluiting /Gasinlaat . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6Gasuitlaat . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6Drukaansluiting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6Elektrische aansluiting / Besturing . . . . . . . . . . . . . . . 6

    Installatie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6Montage . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6Elektrisch aansluiten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6Aansluiten van Leidingen/Pijpen . . . . . . . . . . . . . . . . 7Opnemen van Bedrijfsparameters . . . . . . . . . . . . . . . 7

    Opmerkingen bij Bediening. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7Toepassing . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7

    Onderhoud . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8Onderhoudsschema . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8

    Maandelijks: . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8Iedere 6 maanden: . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8Jaarlijks: . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8Iedere 2 jaar: . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8

    Revisie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 9Uitbedrijfname . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 9

    Tijdelijke Uitbedrijfname . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 9Heringebruikname . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 9Ontmanteling en Afvoeren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 9

    Reserveonderdelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 9Storingzoeken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10EG-Verklaring van Overeenstemming . . . . . . . . . . . . . . . 12Busch All over the World in Industry . . . . . . . . . . . . . . 13

    SB 0050 - 1400 D0/D2 ATEX-Versie Voorwoord

    0870145239 / 091221 pagina 2

    VoorwoordGefeliciteerd met de aanschaf van een Busch blaaspomp. Met veelaandacht voor de eisen van de gebruiker, innovatieve en constanteontwikkelingen levert Busch moderne vacum- en drukoplossingenwereldwijd.

    Deze bedrijfsinstructie bevat informatie over

    productomschrijving, veiligheid, transport, opslag, installatie en inbedrijfname, onderhoud, revisie, oplossen van storingen en reserve onderdelenvan de blaaspomp.

    De ATEX-aandrijfmotor is onderhevig aan een aparte bedrijfsinstructie.

    Deze instructies beschrijven, de hantering van de blaaspomp, ditomvat, de wijze van transporteren, opslag en conservering, de installa-tie, de ingebruikstelling, de voorwaarden voor een goede werking, hetonderhoud, het oplossen van storingen en de revisie van deblaaspomp.

    Voor hantering van de blaaspomp is het noodzakelijk deze bedrijfsin-structie te lezen en op te volgen. Indien er onduidelijkheden zijn,neem dan contact op met uw Busch vertegenwoordiger!

    Houd deze bedrijfsinstructie en, indien van toepassing, andere be-drijfsinstructies binnen bereik op de bedrijfslocatie.

    Technische gegevensATEX categorisering, toelaatbare verschildrukken, motoraansluitwaar-den en toerentallen zijn op de typeplaat van de blaaspomp te lezen.Verdere technische gegevens, leverbare bouwgrootten, varianten enaccessoires zijn in het aktuele verkoopprogramma te vinden. Wendt uzich voor verdere vragen tot de bevoegde Busch vertegenwoordiger.

  • ProductomschrijvingGebruikDe blaaspomp kan gebruikt worden voor het

    aanzuigen comprimerenvan

    droge, niet agressieve en niet giftige gasmensels en/of stof/lucht-mengsels overeenkomstig de markeringen op de typeplaat van deblaaspomp (uitleg zie onder)

    Het verpompen van media met een lagere of hogere dichtheid danlucht leidt tot een hogere thermische en mechanische belasting van deblaaspomp en is alleen toegestaan na overleg met Busch.

    In overeenstemming met de richtlijn 94/9/EG (ATEX 95) is deblaaspomp geschikt voor gebruik in explosiegevaarlijke omgevingenvolgens de gegevens op de typeplaat van de blaaspomp en de gege-vens op de typeplaat van de aandrijfmotor.

    De klassificatie van de blaaspomp dient daarom als volgt te worden ge-lezen (de interpretatie van machinecategorin en zones zijn slechts terinformatie; de geldende wetten, richtlijnen en normen zijn daadwerke-lijk bindend; voor temperatuurklassen en explosiegroepen zie E. Bran-des, W. Mller Sicherheitstechnische Kenngren, Band 1: BrennbareFlssigkeiten und Gase, ISBN 3-89701-745-8 (of gelijkwaardigebron)):

    Wanneer de klassificaties met betrekking tot het verpompte gas/luchtof stof/lucht mengsel enerzijds en de ongeving van de blaaspomp an-derzijds verschillen, wordt op de typeplaat van de blaaspomp eerst deklassificatie met betrekking tot het verpompte gas/lucht of stof/luchtmengsel vermeld en daarachter, na de schuine streep, de klassificatiemet betrekking tot de omgeving (voorbeeld 3/2).

    II 3/2G c T3Groep II, voor niet-mijnbouw toepassingen,in het te verpompen gas bij normaal bedrijf zelden of gedurende zeerkorte tijd explosiegevaarlijke atmosfeer bestaande uit een mengsel vanlucht en brandbare gassen (machinecategorie 3, voor zone 2),in de omgeving bij normaal bedrijf regelmatig explosiegevaarlijke at-mosfeer bestaand uit een mengsel van lucht en brandbare gassen,dampen of nevels (machinecategorie 2, voor zone 1),wijze van bescherming constructieve beveiliging,voor gassen uit temperatuurklasse T3 in het te verpompen gas en in deomgeving.Niet voor explosiegevaarlijke stof/lucht atmosferen.

    II 3/2D c T 125CGroep II, voor niet-mijnbouw toepassingen,in het te verpompen gas bij normaal bedrijf zelden of gedurende zeerkorte tijd explosiegevaarlijke atmosfeer in de vorm van een wolkbrandbare stof in lucht (machinecategorie 3, voor zone 22),in de omgeving bij normaal bedrijf regelmatig explosiegevaarlijke at-mosfeer in de vorm van een wolk brandbare stof in lucht (machineca-tegorie 2, voor zone 21),wijze van bescherming constructieve beveiliging,maximaal toelaatbare oppervlaktetemperatuur voor het stof/lucht

    mengsel in het te verpompen gas en in de omgeving groter of gelijkaan 125 C (volgens EN 50281-2-1 resp. IEC 61241-2-1).Niet voor explosiegevaarlijke gasatmosferen.

    II 3G T3Groep II, voor niet-mijnbouw toepassingen,in het te verpompen gas en in de omgeving bij normaal bedrijf zeldenof gedurende zeer korte tijd explosiegevaarlijke atmosfeer bestaandeuit een mengsel van lucht en brandbare gassen (in de omgeving ookdampen of nevels) (machinecategorie 3, voor zone 2),voor gassen uit temperatuurklasse T3 in het te verpompen gas en in deomgeving.Niet voor explosiegevaarlijke stof/lucht atmosferen.

    II 3D T 125CGroep II, voor niet-mijnbouw toepassingen,in het te verpompen gas en in de omgeving bij normaal bedrijf zeldenof gedurende zeer korte tijd explosiegevaarlijke atmosfeer in de vormvan een wolk brandbare stof in lucht (machinecategorie 3, voorzone 22),maximaal toelaatbare oppervlaktetemperatuur voor het stof/luchtmengsel in het te verpompen gas en in de omgeving groter of gelijkaan 125 C (volgens EN 50281-2-1 resp. IEC 61241-2-1).Niet voor explosiegevaarlijke gasatmosferen.

    Het gas dient vrij te zijn van dampen die zouden condenseren bij de inde blaaspomp heersende temperatuur