innoveren participeren

  • View
    400

  • Download
    5

Embed Size (px)

Text of innoveren participeren

raad voor cultuur raad voor cultuur raad voor cultuur

Innoveren, participeren!

www.agendacultuurbeleid.nl

maart

2007

De Raad voor Cultuur is het wettelijk adviesorgaan van de regering en het parlement op het terrein van kunst, cultuur en media. De Raad is onafhankelijk en adviseert, gevraagd en ongevraagd, over actuele beleidskwesties en over subsidiebesluiten. Daarbij richt hij zich ook op brede culturele vraagstukken, door middel van adviezen, debatten en publicaties. De Raad adviseert verder over aanvragen tot plaatsing op de Monumentenlijst, over opgravingsvergunningen en toewijzing van bodemvondsten in het kader van de Monumentenwet, over de selectie van (overheids)archieven en over de plaatsing van culturele voorwerpen op de lijst Wet tot behoud van cultuurbezit. Het werkterrein van de Raad omvat de volgende aandachtsgebieden: media en informatie, cultureel erfgoed en kunst. Voor de verschillende aandachtsgebieden van de Raad zijn commissies ingesteld: Amateurkunst en Cultuureducatie; Archieven; Architectuur, Stedenbouw en Landschap, Monumenten en Archeologie; Beeldende kunst en Vormgeving; Bibliotheken; Dans; Film; Intercultureel cultuurbeleid; Internationaal cultuurbeleid; Letteren; Media; Musea; Muziek en Muziektheater; Theater en Wet tot behoud van cultuurbezit. Daarnaast adviseert de Raad over de volgende hoofdthemas, die zijn vastgelegd in zijn werkprogramma 2006-2009: intercultureel; internationaal; regionaal cultuurbeleid; e-cultuur/ medialisering; culturele vorming; instrumentarium cultuurbeleid; cultuur en economie. De Raad bestaat uit negen leden, die afkomstig zijn uit de culturele sector, de media en de wetenschap. Voorzitter is mr. Els H. Swaab. Zie ook www.cultuur.nl.

Het is toegestaan (delen van) de inhoud van deze publicatie te citeren of verspreiden, mits

daarbij de Raad voor Cultuur en deze publicatie als bronnen worden vermeld.

raad voor cultuur raad voor cultuur raad voor cultuur

raad voor cultuur raad voor cultuur raad voor cultuur

raad voor cultuur raad voor cultuur raad voor cultuur

Innoveren, participeren!

voorwoordWelke problemen moeten gelet op maatschappelijke trends en ontwikkelingen (demografisch, economisch, sociaal, ruimtelijk en bestuurlijk), met voorrang worden opgelost in de cultuur als geheel en binnen de afzonderlijke sectoren en wat zijn kansrijke ontwikkelingen waar het cultuurbeleid van de overheid op in kan spelen? Aldus de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap in het eerste deel van de adviesaanvraag Agenda Cultuurbeleid en Culturele Basisinfrastructuur. In het tweede deel van de adviesaanvraag van 29 september 2006 verzoekt de minister de Raad invulling te geven aan een nieuwe subsidiesystematiek die de bekende Cultuurnota moet gaan vervangen. Het zijn twee typen vragen die aansluiten bij de veranderende rol van de Raad in de vormgeving en uitvoering van het cultuurbeleid. Meer nog dan in het verleden buigt de Raad zich over onderwerpen van cultuurpolitieke aard. Daarbij zal hij het contact met de uitvoeringspraktijk niet loslaten. Strategische en instellings- c.q. subsidieadviezen zijn in het cultuurbeleid onlosmakelijk met elkaar verbonden, zo heeft de Raad ook bij de voorbereiding van dit advies weer geconstateerd. Cultuurbeleid is natuurlijk meer dan instellingenbeleid, maar de Nederlandse beleidsvorming op cultuurgebied kent een sterk inductief karakter: van het bijzondere naar het algemene, vanuit de werkelijkheid van de culturele praktijken naar bestuurlijke en beleidsmatige uitspraken. Er is in Nederland op die manier een fijnmazige, centraal en decentraal bestuurde culturele infrastructuur ontstaan, waarin door een delicate wisselwerking van praktijk en theorie nieuw beleid wordt gevormd. Dit advies over de strategische culturele beleidsvraagstukken en over de herstructurering van de subsidierelaties met de instellingen beoogt die twee aspecten bijeen te brengen. En precies dat bevestigt de veranderde dubbelrol van de de Raad in het cultuurbeleid.

voorwoord

Het eerste deel van het advies vertrekt vanuit een orintatie op cultureel burgerschap, waarmee de Raad recht wil doen aan het toenemende belang van cultuur voor het functioneren van de samenleving. Burgerschap en maatschappelijke participatie zijn in een tijdperk van migratie, globalisering en heterogenisering van de samenleving sterk onder druk komen te staan. Het advies biedt aanknopingspunten om de gesignaleerde problemen in kansrijke beleidsopties te vertalen. Zo stelt de Raad dat burgerschap staat of valt met goed genformeerde burgers, en in het verlengde daarvan met instellingen die onbelemmerd en bemiddelend toegang bieden tot bronnen van cultuur en informatie. De toegankelijkheid van het publieke (informatie)domein moet worden gewaarborgd en dat is een taak die de overheid zeer serieus moet nemen en in beleid hecht moet vastleggen. Zoals ook ten aanzien van innovatie en het stimuleren van (maatschappelijke en culturele) participatie een regisserende overheid geboden is. De tweede reeks vragen van de minister betreft de basisinfrastructuur. Aan de orde is daarbij vooral of het voorgestelde systeem uit de nota Verschil maken de oude knelpunten oplost, geen nieuwe toevoegt en een perspectief biedt op een soepel werkend systeem dat recht doet aan de onderscheiden culturele praktijken, soorten bedrijfsvoering, de dynamiek van de kunstproductie en het verschil tussen kort- en langjarige planning. Dit advies biedt concrete handvatten voor het door de minister voorgestelde en door de Kamer op hoofdlijnen geaccordeerde systeem. Aan de uitwerkingen zitten evenwel nog enige haken en ogen. Zo is het belangrijk de positie van het nieuwe fonds in de sector podiumkunsten goed te definiren en moet de toepassing van het visitatie-instrument in het beleids- en adviesproces nader worden beschreven.Els H. SwaabVoorzitter

Kees WeedaAlgemeen secretaris

inhoudsopgave

9 48 9 34 9 11 13 11 13 24 13 15 18 20 22 24 34 24 27 29 30 31 35 48 36 38 40 51 54 57 176 57 63 69 78 89 96 105 106 108 118 125 135 142 153 165 179 207 179 185 193 201 205 207 208

voorwoord 1 agenda cultuurbeleid en culturele basisinfrastructuur agenda cultuurbeleid samenvatting inleidend 1. cultureel burgerschap beschrijvend 2. de mensen 3. het land en het water 4. de technologie 5. de economie 6. de wereld agenderend 7. e-cultuur 8. cultuuroverdracht 9. talentontwikkeling 10. innovatie 11. continuteit 12. instrumenten culturele basisinfrastructuur randvoorwaarden toepassing van de uitgangspunten de belangrijkste uitspraken per sector overzicht aanbevelingen 1 1 agenda en basisinfrastructuur per sector amateurkunst en cultuureducatie archieven architectuur, stedenbouw, monumenten, archeologie en landschap beeldende kunst en vormgeving bibliotheken film intercultureel cultuurbeleid internationaal cultuurbeleid letteren media musea inleiding op de podiumkunsten dans muziek en muziektheater theater 11 1 bijlagen adviesaanvraag reactie op verschil maken 6 oktober 2006 voorstel wijziging wet specifiek cultuurbeleid reactie op verschil maken 16 november 2005 reageren? namenlijst colofon

5

sectoren

amateurkunst en 41 cultuureducatie 57 41 archieven 63 architectuur, stedenbouw, monumenten, archeologie 42 en landschap 69 beeldende kunst en 42 vormgeving 4278 bibliotheken 89 film 96 intercultureel cultuurbeleid 105 internationaal cultuurbeleid 106 letteren 108 media 45118 musea 125 47 dans 142 47 muziek48 muziektheater 153 en theater 1656

agenda cultuurbeleid&

1

culturele basisinfrastructuur

samenvatting

agenda cultuurbeleidSamenvatting

1

Deze agenda zet onder het leidend beginsel van cultureel burgerschap (paragraaf n) voor de komende jaren een tijdspad uit naar meer kunst- en cultuurparticipatie in de brede zin van het woord. In de vijf volgende paragrafen wordt de stand van zaken opgemaakt en worden relevante ontwikkelingen gesignaleerd die de keuze van de agendapunten hebben bepaald. Deze ontwikkelingen bieden perspectief op succes, maar houden ook risicos in. Zo heeft de toegenomen heterogeniteit van de Nederlandse bevolking, waarop in de tweede paragraaf wordt ingegaan, culturele instellingen geconfronteerd met vraagstukken waarop nog geen afdoend antwoord is gevonden er zijn kansen, maar ook risicos. Duidelijk is dat een eenzijdig accent op etniciteit niet goed werkt. Er zijn veel meer verschillen tussen mensen die van belang zijn om in het cultuurbeleid rekening mee te houden. Paragraaf drie gaat in op land en bestuur. De grote bouwactiviteiten die in het verschiet liggen, onder meer in het kader van een hernieuwde strijd tegen het water, bieden nieuwe ruimtelijke vraagstukken. Het architectuurbeleid moet ertoe bijdragen dat de kansen die hier liggen voor ruimtelijk, cultureel en maatschappelijk verantwoorde oplossingen worden benut. Als opdrachtgevers dragen de verschillende overheden hierbij een aanzienlijke verantwoordelijkheid. Zij zijn ook verantwoordelijk voor de manier waarop het land wordt bestuurd, met inbegrip van het cultuurbeleid. Cultuurbeleid kenmerkt zich door het voortdurend zoeken naar complementariteit van verschillende overheidslagen. Er is weinig wettelijke basis en dientengevolge een voortdurende noodzaak tot precieze bestuurlijke afstemming. In paragraaf vier tot en met zes worden ontwikkelingen gesignaleerd die nauw met elkaar samenhangen. Digitalisering en medialisering hebben een maatschappelijk proces op gang gebracht dat diep ingrijpt in de manier waarop mensen zich tot elkaar verhouden. Cultuurconsumenten worden steeds vaker cultuurproducenten. Digitalisering maakt nieuwe vormen van cultuurparticipatie mogelijk. Veelbelovend is het ontstaan van nieuwe distributieverhoudingen waardoor er tal van nieuwe mogelijkheden ontstaan voor culturele nichemarkten. Culturele instellingen